h
Politieke verzen

Hoogbouw in Heino

(Vrij naar Shakespeare en Burgersdijk. Als Caesar vermoord is, houdt Antonius een beroemde rede bij de baar. Die dient hier als voorbeeld.)

Burgers van Heino, Heeten, Raaltenaren,
Geef mij een klein momentje van uw tijd,
Ik kom alleen betreuren, niet wat zeuren,
Gedane zaak neemt nu eenmaal geen keer,
En wat besloten is, wordt uitgevoerd,
Daar helpt geen tegenstem, hoe redelijk, meer aan,
En Heino zit met de gebakken peren,
Ja, met verlof van het achtbaar presidium,
En van de coalitie in de Raad,
Allemaal achtbaar en zeer achtenswaardig,
Wijd ik een enkel woord aan het besluit
Om Hoogbouw toe te staan midden in Heino,
Die past er niet. Het slaat als tang op varken.
Maar de wethouder zegt dat het wel past,
En ja, die is beslist toch achtenswaardig,
Net als de anderen, allemaal achtenswaardig,
En vol van zorg voor huis en haard en dorp.
Ze luisteren steeds goed naar de achterban.
Er lag dan wel een oud en goed besluit
Dat zei dat hoogbouw uit den boze is,
Maximaal 9 meter, in 2000,
Maar dat is lang geleden vindt de Raad,
De coalitie dan, heel achtenswaardig.
Korter geleden is de welstandsnota,
Waarin opnieuw de maat is vastgelegd,
Voor het behoud van ‘t landelijke dorp.
Daar past geen hoogbouw vonden de bewoners,
De Raad luisterde toen wel naar hun bezwaar,
Maar zet dat nu op zij, met meerderheid.
Maar ja, ze zijn nu eenmaal achtenswaardig,
Allemaal achtbaar en zeer achtenswaardig.
Daarom kreeg de oppositie ook het woord
Om de grote bezwaren uit te leggen,
En  dat was netjes, dat was echt ruimhartig,
Deemoedig dankt de oppositie hun,
Maar niemand lette op het argument,
De argumenten, allemaal steekhoudend.
De coalitie ging haar gang, met recht,
Dat is het recht van deze hoge heren,
Die allen achtenswaardig zijn, beslist!
En vol begrip ook voor de achterban,
Waarom dan toch zo vreemd en halfhartig,
Zozeer in strijd met recht en goede zeden…
Toch zijn zij allen goed en achtenswaardig….
Er zijn geen woorden voor, dus moet ik zwijgen!

U bent hier