h
Politieke verzen

De Ballade van Harry

Peter van Lint
Chauffeur Hij stopt getrouw bij elke halte,
 en houdt de wacht vanaf zijn plek,
vooraan, een eenzame gestalte,
een brede rug, een kraag, een nek,

een donker hoofd dat soms opzij
draait om de boel te overschouwen,
 en orde te bewaren bij
de passagiers die op hem bouwen.

Hij opent deuren als de poorten
van hel of hemel en het sist
verzet tegen wat hij beslist:

hier wordt geen plaatsbewijs gewist,
hij kijkt en luistert, hoort en
laat toe in maten en in soorten.

Halte een vrouwenstem klinkt van omhoog
 en kondigt aan waar hij zal stoppen,
een mechaniek dat nooit bedroog,
of zich door plaats of tijd liet foppen,

als in een kosmische relatie
beantwoordt hij aan dit geluid,
een virtuele confrontatie
met even virtuele bruid.

Hij stopt en zet de deuren open
hij respecteert, gelimiteerd,
het wilsbesluit van wie begeert

de eigen weg verder te lopen,
en dan op eigen krachten teert,
hij laat ze gaan, in vrees en hopen.

Nieuwe passagier Dan meldt zich een nieuw personage,
het wordt voorzien van plaatsbewijs,
dat hem en ook nog wat bagage
recht geeft op delen van de reis,

een enkele reis of voor meer ritten,
een enkele reis of heen en weer,
hij zoekt een plaats waar hij kan zitten,
over het gangpad, zet zich neer,

of hij blijft staan bij de fauteuils,
en laat zich rijden, vol vertrouwen,
tussen de huizen en gebouwen

hij weet hij komt weer veilig thuis,
bij kind of kraai of vriend of vrouw
en daar wachten hem dan bier en buis.

Dame En nu verschijnt een vrouwspersoon
een zeer kunstmatige blondine,
de opmaak is wat overdone,
er blinkt wat veel op de vitrine,

naast tassen vol met snuisterijen,
draagt zij een grote zak patat,
met mayonais om uit te dijen,
en ze heeft net een hap gehad.

De chauffeur stelt haar voor de keuze,
of de patat weg of allebei,
de dame start een scheldpartij,

op luide toon, met veel scabreuze
woorden, ontdaan van vleierij,
en tracht dan de chauffeur te kneuzen.

Cursus Die stopt de bus, en volgens richtlijn
meldt hij het pijnlijk incident,
weldra zal hulp dan ook in ‘t zicht zijn,
men is met zoiets wel bekend,

want er zijn van die autochtonen
die dringend naar een cursus moeten,
ook lui die hier van oudsher wonen
treden soms regels met de voeten,

van omgangsregels geen benul,
een taaltje vol met kloot en lul,
stuur die eens naar inburgering

laat die eens netjes integreren,
de basisnormen maar eens leren,
als iedere beginneling.

Wethouder “Denk niet steeds als een buschauffeur”,
zo sprak de Wethouder van Zaken,
hij vond dat alles maar gezeur,
dat immers kant noch wal kon raken,

verbaasd nu hij zichzelf zo hoorde,
zo passend bij zijn hoge functie,
was hij tevreden met die woorden,
met vorm en inhoud in conjunctie.

Hij zag zichzelf en zijn carrière
 als burgervader in ‘t verschiet,
als hoeder van een volière

vol vogels met eenzelfde lied,
zo zonder wanklank, geen barrière,
en met een gelijk vocabulaire.

Pluche Zo met zichzelf zeer ingenomen,
zag hij in gouden visioen,
zichzelf in pluche, rood of groen,
en stemmers die in drommen komen

om hem als in zijn stoutste dromen
van hun waardering kond te doen
die hij uit burgermansfatsoen,
goedgunstig ook heeft aangenomen.

Helaas, de wereld is weerbarstig,
vol vreemde snuiters, zij’t chauffeur,
of professor, bekwaam en naarstig,

elk specialist, elk adviseur
elk ziet een zaak met eigen kleur,
gemotiveerd en achtenswaardig.

Heino, 18 februari 2008

U bent hier